Photography

Starten met fotograferen: dit heb je nodig!

OH,PRETTY
PICTURE!

OH,PRETTY
PICTURE!

Je bent van plan je fotografie skills te verbeteren. Super leuk! Maar wat heb je daar allemaal voor nodig?

Natuurlijk kan je hele mooie foto’s maken met de camera van je telefoon, maar de mogelijkheden zijn veel beperkter dan wanneer je een ‘echte’ camera gebruikt. Wil je meer dan de standaard snapshots die je tot nu toe maakte? Ik vertel je wat je nodig hebt om dat te bereiken!

 

1. Een camera die je handmatig in kunt stellen.

Er bestaan oneindig veel soorten camera’s. Je kunt ze onderverdelen in 3 verschillende groepen. Je hebt compactcamera’s, systeemcamera’s en spiegelreflexcamera’s.

De compactcamera kennen we allemaal: een klein handzaam cameraatje dat je zo in je tas of je jaszak stopt. Ideaal om gauw even mee te nemen. Hiermee maak je prima foto’s die vaak beter van kwaliteit zijn dan de foto’s die je maakt met je telefoon. Je kunt bovendien kiezen uit een aantal verschillende instellingen. Zo hebben compactcamera’s vaak onder andere een portretstand, een macro stand en een sportstand. Handig als je niet zo veel van fotografie en de juiste instellingen afweet, maar doordat dit standaard instellingen zijn blijven je mogelijkheden heel beperkt.

Wil je iets meer bereiken dan dat je met je telefoon of campactcamera kunt? Dan heb je een camera nodig die je handmatig in kunt stellen en kom je uit bij een systeemcamera of een spiegelreflexcamera.

Spiegelreflex- en systeemcamera’s bieden allebei de mogelijkheid om te werken met verschillende lenzen en zijn allebei handmatig in te stellen.

Oke, maar wat is dan het verschil hoor ik je denken?

Een systeemcamera wordt meestal gezien als een soort tussenstapje tussen een campactcamera en een spiegelreflexcamera.

Systeemcamera’s zijn vaak wat kleiner en daardoor automatisch ook lichter. Dit is natuurlijk lekker! Niemand zeult graag een zware camera met zich mee, toch?

Helaas zitten er ook wat nadelen aan het fotograferen met een systeemcamera. Ze hebben meestal een kleinere sensor dan een spiegelreflexcamera. Dit is nadelig voor de kwaliteit van je foto’s. Ook zorgt de kleinere sensor ervoor dat je minder kunt spelen met scherptediepte (onscherpte in je foto). Terwijl dit juíst iets is wat de meeste fotografen belangrijk vinden om wel te kunnen doen. Met een kleinere sensor heb je ook gauw meer ruis in je foto bij weinig licht.

Een ander verschil is de manier waardoor je door je zoeker kijkt. Systeemcamera’s hebben een elektronische zoeker. Je kijkt niet letterlijk door de lens, maar ziet het beeld op een digitaal schermpje achterop je camera. Hier zit vaak een kleine vertraging in. Je kunt hier last van hebben bij het fotograferen van bewegende dingen.

Bij een spiegelreflexcamera heb je een optische zoeker. Je ziet, via de spiegel in je camera, direct het beeld dat je uiteindelijk op de foto gaat krijgen. Maak je een foto, dan klapt de spiegel omhoog zodat de sensor wordt belicht. Daardoor maakt je camera ook dat ‘klik-klak’ geluid als je een foto maakt. Dat is de spiegel die omhoog en omlaag klapt.

Verder is een spiegelreflexcamera vaak sneller met scherpstellen en afdrukken dan een systeemcamera.

Een ander voordeel van een spiegelreflexcamera is dat er ontzettend veel accessoires te koop zijn. Veel meer dan voor een systeemcamera. Zo zijn er voor een spiegelreflexcamera bijvoorbeeld veel meer verschillende en kwalitatief betere objectieven (lenzen) verkrijgbaar dan voor een systeemcamera.

 

2. Een lens

Je hebt natuurlijk een lens op je camera nodig om überhaupt een foto te kunnen maken. De meeste camera’s koop je als geheel. Een body + ‘kitlens’. Meestal is dit een zoomlens met een groot focusgebied waardoor je behoorlijk in en uit kunt zoomen. Kan heel handig zijn!

Het voordeel is dat zulke lenzen vaak relatief goedkoop zijn. Maar, je voelt ‘m vast al aankomen: deze lenzen zijn helaas meestal niet zo heel erg goed.

Kitlenzen zijn vaak niet zo scherp als andere lenzen, ze focussen langzamer en de meeste lenzen hebben niet zo’n groot diafragma. Maar, het is echt niet nodig om meteen een andere lens te kopen. Als je alleen een kitlens bij je camera hebt moet je er alleen wél voor zorgen dat je zo goed mogelijk met deze beperkingen leert te werken.

Misschien is het met je kitlens bijvoorbeeld lastig om een mooie onscherpe achtergrond in je foto te krijgen, terwijl je dat nou juist zo mooi vindt. Simpelweg omdat het met jouw lens niet mogelijk is om met een heel groot diafragma te fotograferen. Wat je wél kunt doen is ervoor zorgen dat je onderwerp verder van de achtergrond vandaan staat en zelf wat dichter bij je onderwerp gaan staan. Op deze manier zul je meer onscherpte in je foto krijgen, ook met een kleiner diafragma.

Ook heb je misschien moeite met de belichting van je foto door het kleinere diafragma van je kitlens. Doordat de opening in je lens niet zo groot is valt er af en toe simpelweg te weinig licht naar binnen om een mooie heldere foto te kunnen maken. Maar ook dit valt eenvoudig op te lossen! Verplaats je onderwerp naar buiten, of in ieder geval naar een plek met veel licht en je maakt een prachtige foto met je kitlens!

Als je wat verder komt en echt last gaat krijgen van de beperkingen van je lens kan je natuurlijk altijd opzoek gaan naar een andere. Er zijn ook een aantal goede lenzen die prima betaalbaar zijn!

 

3. Een snelle geheugenkaart

Als je een camera met een lens hebt kun je aan de slag gaan met het maken van foto’s. Maar deze beelden moeten natuurlijk wel ergens opgeslagen kunnen worden. Daarvoor stop je een geheugenkaartje in je camera en het liefst een beetje een snelle. Zeker als je wat actiefoto’s wilt maken is de snelheid van je kaartje belangrijk. Hoe sneller je kaart, hoe sneller je camera de beelden kan ‘wegschrijven’. Als je geheugenkaart te langzaam is duurt het even voordat je een nieuwe foto kunt maken. Zonde als je daardoor net HET moment mist toch?

 

4. Een fotobewerkingsprogramma

Wat voor soort foto’s vind jij mooi? Houd je van lichte, heldere beelden met felle kleuren of vind je het juist mooi als alles wat gedempter is? Veel contrast of juist niet? Spreken warme kleuren jou aan of houd je meer van koelere foto’s? Het is leuk om je eigen stijl te ontwikkelen. Een groot deel van de ‘looks’ van je foto wordt natuurlijk bepaald op het moment dat je de foto maakt. Maar met de nabewerking van je foto kan je hier nog heel veel aan toevoegen.

Als je met een spiegelreflexcamera fotografeert kun je kiezen uit twee verschillende formaten waarin je foto’s opgeslagen worden: RAW of JPEG.

Als je net begint fotografeer je meestal in JEPEG. Dit is ook het aller makkelijkst. Je zet je foto’s vanaf je geheugenkaartje op de computer en ze zijn direct klaar om te delen op socialmedia of om af te laten drukken. Je camera heeft ze eigenlijk al een beetje voor je bewerkt. De kleuren worden iets sprekender gemaakt en het contrast wordt vaak een beetje verhoogd. Uiteraard kan je vervolgens zelf nog het een en ander aanpassen in een bewerkingsprogramma, maar de mogelijkheden zijn véél beperkter dan wanneer je fotografeert in RAW.

Fotografeer je in RAW dan moet je alle bewerkingen zelf doen. Een RAW bestand kan je niet zomaar op Facebook plaatsen of naar een printservice sturen. Je MOET je foto dus bewerken om er iets mee te kunnen. Heb je een NIKON of een CANON camera dan krijg je bij de aanschaf een programma waarmee je jouw RAW bestanden kunt bewerken. Je hoeft hier dus geen duur bewerkingsprogramma voor aan de schaffen.

Maar waarom zou je die bewerkingen allemaal zelf doen als de camera ze ook automatisch voor je kan doen?

Omdat er veel meer mogelijk is als je het zelf doet! Je kan de foto helemaal naar jouw eigen smaak bewerken. Bovendien bevat een RAW bestand veel meer informatie dan een JEPEG bestand. Het is hierdoor bijvoorbeeld mogelijk om een onderbelichte foto achteraf via het bewerkingsprogramma op te lichten zonder dat de kwaliteit meteen heel slecht wordt. Of juist doortekening en details terug te halen in overbelichte delen van je foto. Is je foto te blauw uitgevallen doordat je niet de juiste witbalans hebt gebruikt tijdens het fotograferen? Geen probleem! Je past je RAW bestand in een paar klikken aan en er is niets meer van te zien.

Je hoeft niet meteen te starten met het fotograferen in RAW. Je kan de overstap vanzelf maken als je voelt dat je er klaar voor bent.

Wist je trouwens dat veel camera’s ook de optie hebben om foto’s op te slaan in zowel RAW als JEPEG? Op die manier kan je de foto’s die je nu maakt gelijk gebruiken en over een poosje je eerder gemaakte foto’s die je dus ook in RAW hebt alsnog bewerken zodat ze helemaal naar je zin zijn.

Dit kost overigens wel veel geheugen op je geheugenkaartjes en computer, omdat je alles dubbel opslaat.

Wat voor camera heb jij? En bewerk jij je foto’s voordat je ze gebruikt om af te laten drukken of te delen? Ik ben heel benieuwd!

Comments will load here

Comments submission form loads here.

ssh.. don't tell facebook

is my favourite!

Laat me jóuw mooiste foto's zien door de #ohprettypicture te gebruiken!

ssh.. don't tell facebook

is my favourite!

Laat me jóuw mooiste foto's zien door de #ohprettypicture te gebruiken!


EVELINE@ohprettypicture.nl

Ja, ik wil de
nieuwsbrief ontvangen

Ja, ik wil de nieuwsbrief ontvangen

E-mailAdres

Naam

start

                  nog met het
       maken van mooiere foto's


hallo@photoacademyonline.nl

bedankt!

start

nog met het
maken van mooiere foto's